Ga naar de hoofdinhoud

Mobiele arbeidsmiddelen

U bent hier:

Mobiele arbeidsmiddelen→ Wat moet? → Wat mag? → Wat helpt? 

Op de werkvloer gebeuren veel ongevallen met mobiele arbeidsmiddelen, zoals heftrucks en hijskranen. Het aanrijden van medewerkers leidt geregeld tot ernstig letsel of overlijden.

 

Wat moet?

Mobiele arbeidsmiddelen (voertuigen die personen vervoeren), met uitzondering van heftrucks, moeten een constructie hebben die voorkomt dat het arbeidsmiddel meer dan een kwartslag kantelt (art.7.17a Arbobesluit). Ook moet een constructie zorgen voor voldoende vrije ruimte rond de te vervoeren personen als het arbeidsmiddel zich meer dan een kwartslag kan bewegen. Bestaat het gevaar dat de te vervoeren personen bij kanteling of omslaan bekneld kunnen raken tussen de delen van het mobiele arbeidsmiddel en de grond, dan moet u een systeem installeren waarmee zij kunnen worden tegengehouden.
Deze maatregelen zijn niet nodig als het middel tijdens het gebruik wordt gestabiliseerd of als het zodanig is ontworpen dat het niet kan kantelen of omvallen.
Heftrucks moeten zo zijn uitgerust dat het gevaar van kantelen wordt beperkt door:
• Een bestuurderscabine.
• Een inrichting die verhindert dat de heftruck kantelt.
• Als de truck toch kantelt, er voor de te vervoeren personen voldoende vrije ruimte is tussen de grond en bepaalde delen van de heftruck.
• Een inrichting op elke zitplaats van de heftruck waarmee de op de truck aanwezige personen zich op de zitplaats kunnen vastzetten.
Een elektrische heftruck met zit- of staanplaats moet een automatische stroomonderbreker hebben die de rij-aandrijving blokkeert bij het verlaten van de heftruck. Dit om te voorkomen dat de heftruck zonder bestuurder kan gaan rijden.

Mobiele arbeidsmiddelen mogen alleen worden bediend door werknemers die daartoe specifieke deskundigheid bezitten zoals een heftruckcertificaat.
Voor het bedienen van mobiele hijskranen en torenkranen met een capaciteit van 10 tonmeter of meer is zelfs wettelijk verplicht deskundigheidsbewijs nodig en moeten medewerkers gekwalificeerd zijn.

 

Wat mag?

Jeugdigen van 16 en 17 jaar mogen een heftruck bedienen, mits aan de drie volgende voorwaarden is voldaan:
• Zij moeten specifieke deskundigheid bezitten (heftruckcertificaat).
• Er adequaat deskundig toezicht wordt gehouden.
• Dit toezicht zodanig is georganiseerd dat de specifieke gevaren worden voorkomen.
Kinderen (onder de 16 jaar) mogen geen heftruck besturen.

 

Wat helpt?

Stel regels op voor het gebruik van mobiele arbeidsmiddelen, zoals heftrucks. Zet ze in het reglement of maak een folder en geef die aan de werknemers. Geef regelmatig voorlichting en spreek collega’s erop aan als zij zich niet aan de regels houden. Richt ook de werkomgeving zo veilig mogelijk in: vlakke vloeren, voldoende manoeuvreerruimte, stevige stellingen en maximum snelheden kunnen daarbij helpen. En zorg dat werknemers een opleiding volgen voor het veilig gebruiken van een heftruck.

In veel bedrijven werken uitzendkrachten. Ook voor hen geldt dat zij deskundig moeten zijn. Zowel de werkgever als het uitzendbureau dient zich hiervan bewust te zijn.

 

Bron: arboportaal.

 

 

 

Inhoudsopgave